KLASSENACTIVITEITEN
Werken met thema's uit de voorstelling
Hieronder vind je opdrachten waarmee je met de thema's uit de voorstelling kunt werken. Je hoeft niet al deze opdrachten te doen, afhankelijk van de behoeften van jouw klas.
Opdracht: Kom dans met mij
(Fragment 1
Standaardritme tot minuut 25:00)
Opdracht
Laat de leerlingen luisteren naar fragment 1 en op elk woord stampen. Doe daar zelf in mee!
Als ze dit onder de knie hebben zet je de muziek uit en laat je ze in hetzelfde patroon doorblijven stampen. Blijf zelf ook doorstampen.
Als ze dat lukt, laat je ze de stamp vervangen met ‘kom dans met mij’.
Opdracht: Stopdans!
Zet alle tafels en stoelen aan de zijkant.
Je start de muziek.
Laat de kinderen door het lokaal dansen.
Stop de muziek -> De kinderen staan stil. Wie nog beweegt is af en gaat aan de zijkant zitten. Als er meer dan drie kinderen aan de zijkant zitten, mag degene die het langst zit weer meedoen.
Herhaal bovenstaande tot het nummer afgelopen is.
Opdracht: Eigen dansje!
“Begrijpbaar citaat” -regisseur/personage op het toneel
Doel: Elke leerling heeft een eigen dansje dat ze uit kunnen voeren.
Laat de leerlingen in stilte door het lokaal lopen
Laat de leerlingen een beweging maken met hun armen
Laat de leerlingen dit groter maken
Laat de leerlingen het vertragen of versnellen
Doe hetzelfde, maar dan met hun benen in plaats van hun armen
Kijk of ze beide bewegingen tegelijkertijd kunnen uitvoeren
Vertel de leerlingen dat je zo de muziek aan gaat zetten, en dat als er 'Kom dans' wordt gezongen, ze hun bewegingen uit moeten voeren.
Als ze dit onder de knie hebben, zet je de muziek uit en herhaal je de opdrachten.
Zodra je de muziek weer aanzet, laat je de leerlingen hun nieuwe bewegingen uitvoeren als er 'Met mij' wordt gezongen.
Laat ze beide bewegingen op het juiste moment uitvoeren.